foto 

De naam klonk zo stoer, dat je al bijna automatisch verliefd moest worden op zo’n vrachtwagen: Scania Vabis was van oudsher een Zweeds merk (‘Vabis’ is een afkorting voor “Vangfabriks Aktiebolaget I Södertalje” en daar is geen woord Spaans bij).

In Noordwijk was er de firma J. Kloos die zich gespecialiseerd had in koeltransporten en zich daarbij vrijwel uitsluitend op vis concentreerde. Een giga-wagenpark, uitsluitend bestaande uit Scania’s vond ieder weekend onderdak in een al even giga-loods aan de Quarles van Uffordstraat en later op een veld bij de Grashoek in Noordwijk aan Zee. Van daaruit zwermden de wagens dan maandag weer uiteen om via IJmuiden door Europa (maar vooral Frankrijk) te crossen.

Mijn vader kende wel sommige chauffeurs die niet te beroerd waren om na thuiskomst enige ‘van de auto gevallen platvissen’ voor weinig geld te verhandelen. Hij kende er ook een die dat nooit deed, maar die werkte dan ook niet voor de firma Kloos. Hij, Jan van Leeuwen uit het Kerkhofpad,  werkte voor de firma IJmondvis uit IJmuiden die ongeveer in dezelfde handel zat. Het was eenzelfde Scania waarop in het geval van IJmondvis trots “Les Fruits de la Mer” geschreven stond, mijn eerste Franse woorden. Het was in tegenstelling tot de blauwe Scania’s van J.Kloos een rode, maar hij was even groot en machtig en stond in het weekend geparkeerd aan de Lijnbaanweg in Noordwijk-Binnen. Op bijgaande foto staan de “Kloos”  en de “IJmondvis”  gebroederlijk naast elkaar.

Quo Vadis, Scania Vabis? dichtten Freek de Jonge en Bram Vermeulen al in de jaren zeventig. Het antwoord: ze gingen – vroeg of laat – allemaal naar Noordwijk.

Advertenties